Examenmodus

30:00

Vraag 1 (Sectie: Interpretatie)

Voorwaarde: "Klanten die meer dan €100 uitgeven EN lid zijn, krijgen 10% korting." Mevrouw Jansen geeft €150 uit, maar is geen lid. Conclusie: "Mevrouw Jansen krijgt geen 10% korting."

Vraag 2 (Sectie: Aannames)

Stelling: "Het bedrijf moet flexibele werkuren aanbieden om toptalent aan te trekken." Aanname: "Toptalent geeft de voorkeur aan werkgevers met flexibele werkuren."

Vraag 3 (Sectie: Deductie)

Stelling: "Geen enkele vis kan op het land leven. Een krokodil kan op het land leven." Conclusie: "Een krokodil is geen vis."

Vraag 4 (Sectie: Inferentie)

Een landelijke enquête wijst uit dat mensen die regelmatig een hond uitlaten, een significant lagere bloeddruk hebben dan mensen zonder hond. Inferentie: "Het hebben van een hond en deze uitlaten leidt tot een betere cardiovasculaire gezondheid."

Vraag 5 (Sectie: Aannames)

Stelling: "We moeten een nieuw IT-systeem implementeren om onze efficiëntie te verhogen." Aanname: "Het huidige IT-systeem is de enige factor die onze efficiëntie beperkt."

Vraag 6 (Sectie: Interpretatie)

Een bedrijfsregel stelt: "Alle onkostendeclaraties moeten binnen 30 dagen worden ingediend, voorzien van een originele bon." Een medewerker dient zijn declaratie na 25 dagen in met een kopie van de bon. Conclusie: "De declaratie voldoet niet aan de regels."

Vraag 7 (Sectie: Deductie)

Stelling: "Sommige politici zijn eerlijk. Alle eerlijke mensen zijn bewonderenswaardig." Conclusie: "Alle politici zijn bewonderenswaardig."

Vraag 8 (Sectie: Aannames)

Stelling: "Investeer in goud, want in onzekere economische tijden is dat een veilige haven." Aanname: "De economische tijden zijn momenteel onzeker."

Vraag 9 (Sectie: Inferentie)

Een onderzoek toont aan dat 90% van de succesvolle ondernemers meer dan 60 uur per week werkt. Inferentie: "Om een succesvolle ondernemer te zijn, moet je meer dan 60 uur per week werken."

Vraag 10 (Sectie: Aannames)

Stelling: "Onze nieuwe marketingmanager zal de verkoopcijfers zeker verbeteren." Aanname: "De vorige marketingmanager presteerde ondermaats."

Vraag 11 (Sectie: Aannames)

Stelling: "Ik ga naar de sportschool om gezonder te worden." Aanname: "Mijn huidige gezondheidstoestand kan verbeterd worden."

Vraag 12 (Sectie: Deductie)

Stelling: "Als een product in de aanbieding is, verkoopt het goed. Dit product verkoopt goed." Conclusie: "Dit product is in de aanbieding."

Vraag 13 (Sectie: Interpretatie)

Een rapport stelt: "Onze verkoop in Europa is dit kwartaal met 10% gestegen." Conclusie: "De totale verkoop van ons bedrijf is dit kwartaal gestegen."

Vraag 14 (Sectie: Evaluatie van Argumenten)

Vraag: "Moet er een suikertaks komen op frisdrank?" Argument: "Nee, want de overheid moet zich niet bemoeien met de persoonlijke keuzevrijheid van burgers."

Vraag 15 (Sectie: Aannames)

Stelling: "Onze winst zal volgend jaar stijgen omdat we de prijzen met 10% verhogen." Aanname: "De vraag naar ons product zal niet significant dalen als gevolg van de prijsverhoging."

Vraag 16 (Sectie: Inferentie)

Een politieke partij verliest fors bij de verkiezingen na een campagne gericht op klimaatverandering. Inferentie: "De meeste kiezers vinden klimaatverandering geen belangrijk onderwerp."

Vraag 17 (Sectie: Evaluatie van Argumenten)

Vraag: "Moet het collegegeld worden afgeschaft?" Argument: "Ja, want hoger onderwijs is een recht en afschaffing zorgt voor gelijke kansen voor iedereen."

Vraag 18 (Sectie: Interpretatie)

Regel: "Huisdieren zijn niet toegestaan, met uitzondering van hulphonden." Een man met een hulphond wordt de toegang geweigerd. Conclusie: "De regel is verkeerd toegepast."

Vraag 19 (Sectie: Aannames)

Stelling: "Het is beter om met de trein te reizen dan met het vliegtuig voor deze afstand, want het is beter voor het milieu." Aanname: "Milieu-impact is de belangrijkste factor bij het kiezen van een vervoersmiddel."

Vraag 20 (Sectie: Deductie)

Stelling: "Alle X zijn Y. Geen Z is Y." Conclusie: "Geen Z is X."

Vraag 21 (Sectie: Aannames)

Stelling: "Deze software-update zal alle bekende bugs verhelpen." Aanname: "De software had bekende bugs."

Vraag 22 (Sectie: Aannames)

Stelling: "Ik neem een paraplu mee, want de weersvoorspelling geeft regen aan." Aanname: "Weersvoorspellingen zijn betrouwbaar genoeg om op te handelen."

Vraag 23 (Sectie: Inferentie)

Een restaurant heeft 5-sterrenrecensies, maar een nieuwe gezondheidsinspectie geeft het een lage score. Inferentie: "Het restaurant heeft recentelijk zijn hygiënestandaarden verlaagd."

Vraag 24 (Sectie: Deductie)

Stelling: "Alle planeten in ons zonnestelsel draaien om de zon. Mars is een planeet in ons zonnestelsel." Conclusie: "Mars draait om de zon."

Vraag 25 (Sectie: Inferentie)

Een man wordt gevonden in de woestijn, overleden aan uitdroging. Naast hem ligt een lege waterfles. Inferentie: "De man had meer water moeten meenemen."

Vraag 26 (Sectie: Inferentie)

Een bedrijf rapporteert recordwinsten. In hetzelfde jaar heeft het bedrijf 10% van zijn personeel ontslagen. Inferentie: "De ontslagen waren noodzakelijk om de recordwinsten te behalen."

Vraag 27 (Sectie: Aannames)

Stelling: "Laten we deze taak aan de stagiair geven, zodat hij kan leren." Aanname: "De stagiair beschikt nog niet over de vaardigheden om deze taak uit te voeren."

Vraag 28 (Sectie: Deductie)

Stelling: "Als je hard studeert, haal je het examen. Sarah heeft het examen niet gehaald." Conclusie: "Sarah heeft niet hard gestudeerd."

Vraag 29 (Sectie: Interpretatie)

Garantie: "Schade door water of vallen wordt niet gedekt." De telefoon van een klant is kapot door een val. Conclusie: "De reparatie valt niet onder de garantie."

Vraag 30 (Sectie: Deductie)

Stelling: "Sommige auto's zijn rood. Sommige auto's zijn snel." Conclusie: "Sommige rode auto's zijn snel."

Vraag 31 (Sectie: Deductie)

Stelling: "Geen enkele laptop is goedkoop. Alle goedkope dingen zijn van lage kwaliteit." Conclusie: "Geen enkele laptop is van lage kwaliteit."

Vraag 32 (Sectie: Evaluatie van Argumenten)

Vraag: "Moet de maximumsnelheid op snelwegen omlaag?" Argument: "Nee, want ik rijd zelf graag hard."

Vraag 33 (Sectie: Evaluatie van Argumenten)

Vraag: "Moet de stad een nieuw modern kunstmuseum bouwen?" Argument: "Nee, want moderne kunst is lelijk."

Vraag 34 (Sectie: Interpretatie)

Een peiling geeft 60% steun aan voor maatregel Z, met een foutmarge van 3%. Conclusie: "Het is zeker dat een meerderheid van de bevolking maatregel Z steunt."

Vraag 35 (Sectie: Evaluatie van Argumenten)

Vraag: "Moeten plastic rietjes verboden worden?" Argument: "Ja, want een beroemde acteur is er ook tegen."

Vraag 36 (Sectie: Aannames)

Stelling: "We hebben een advocaat nodig om dit contract te controleren voordat we tekenen." Aanname: "Wij hebben zelf onvoldoende juridische kennis om de risico's in te schatten."

Vraag 37 (Sectie: Deductie)

Stelling: "Óf Jan, óf Piet heeft de taak voltooid. We weten dat Jan de taak niet heeft voltooid." Conclusie: "Piet heeft de taak voltooid."

Vraag 38 (Sectie: Evaluatie van Argumenten)

Vraag: "Moet het minimumloon worden verhoogd?" Argument: "Ja, want duizenden gezinnen kunnen met het huidige loon hun basisbehoeften niet betalen."

Vraag 39 (Sectie: Aannames)

Stelling: "De vergadering van morgen is geannuleerd." Aanname: "Er was een vergadering gepland voor morgen."

Vraag 40 (Sectie: Evaluatie van Argumenten)

Vraag: "Moeten er camera's met gezichtsherkenning komen in openbare ruimtes?" Argument: "Ja, want als je niets te verbergen hebt, heb je ook niets te vrezen."